Palestina

Nieuws uit en over Palestina

Palestina

“Belgische economie financiert bezetting van Palestina”

David Cronin

David Cronin: "Voor het ogenblik neemt Israël deel aan 800 door de EU gefinancierde onderzoeksprojecten, met een totale waarde van 4 miljard euro"

David Cronin: "Voor het ogenblik neemt Israël deel aan 800 door de EU gefinancierde onderzoeksprojecten, met een totale waarde van 4 miljard euro"

Op 17 december 2011 organiseerde Palestina Solidariteit een lezing met de Ierse onderzoeksjournalist David Cronin. In zijn boek ‘Europe’s Alliance with Israel: Aiding the Occupation’ legt hij de economische banden tussen de EU en Israël bloot. Tijdens deze lezing ging hij dieper in op de economische banden tussen België en Israël.

Stenen tegen granaten

Op 9 december 2011 werd Mustafa Tamimi vermoord door de staat Israël. De moord op deze jonge man toont klaar en duidelijk aan waarom het conflict tussen Israël en Palestina nooit zou mogen worden weergegeven als een strijd tussen twee gelijken. Tamimi stierf nadat zijn hoofd was opengereten door een Israëlische traangasgranaat tijdens betogingen in het dorpje Nabi Saleh.

Het leger, waar deze soldaten toe behoren, is haast ongeëvenaard qua macht. Israël spendeert meer van zijn nationaal inkomen aan militaire uitgaven dan eender welk ander land ter wereld, met uitzondering van de VS en de Verenigde Arabische Emiraten. Terwijl Israël de best beschikbare technologie inzet om Palestijns land te bezetten en zowat alle aspecten van het Palestijnse leven te controleren, verzette Tamimi zich tegen de bezetting met het werpen van stenen.

Oorlogsmisdadiger bezoekt ongehinderd Brussel

De dag voor de moord op Tamimi gaf België zijn bescherming en steun aan het leger dat hem vermoord had. Op de morgen van 8 december ging ik naar het Brussels Hilton Hotel (nu heet het gewoon The Hotel) met de bedoeling Yithzhak Ben-Israel aan te houden voor misdaden tegen de mensheid.  Deze man was het hoofd van de afdeling voor de ontwikkeling van wapens, zowel in het leger zelf als in het ministerie van defensie. Hij won niet minder dan drie erkenningstekens van het Israëlitische militaire establishment voor zijn innovaties.

Zijn werk bestond ondermeer uit het geven van advies over het gebruik van Dense Inert Metal Explosive (DIME), een bom die armen en benen van slachtoffers op een gruwelijke manier afrukt. Deze bommen werden volgens een officieel onderzoek van de Verenigde Naties (VN) gebruikt door Israël bij de aanval op Gaza in 2008-2009.

Yithzhak Ben-Israel was in Brussel om een technologieconferentie bij te wonen van de Europese Unie. Toen ik bezwaren uitte bij de weigering om mij binnen te laten, werd ik omsingeld door twee personen in maatpak. Eerst vroeg ik hen of zij behoorden tot de veiligheidsdiensten van het hotel dat de conferentie organiseert. ‘Nee’, zei één van hen, ‘wij zijn van de Belgische inlichtingendiensten’.

Toen ik naar de heer Ben-Israel wees, die toen net buiten de conferentiezaal stond en ik hem uitnodigde om zichzelf aan deze twee politieagenten aan te bieden, werd ik door deze laatsten weggeleid. Ik deed mijn best om hen uit te leggen dat Ben-Israel een crimineel is en aangehouden moest worden, maar ze weigerden te luisteren. Ze eisten echter wel dat ik mijn identiteitspapieren zou tonen.

Dit alles roept een eenvoudige maar belangrijke vraag op: waarom werd een Israëlitische wapenchef speciale bescherming geboden door de Belgische inlichtingendiensten? Ik beweer niet een sluitend antwoord te hebben op deze vraag, maar ik kan er wel redelijk goed naar raden.

Belgische/Europese steun aan oorlogsmidaden

Een aanwijzing kunnen we vinden in het programma van de conferentie, waar Ben-Israel kwam spreken. Deze conferentie is verbonden aan Festos, een project van 1 miljoen euro dat het gebruik van technologie bestudeert door zogenaamde terroristen. De andere deelnemers aan deze conferentie waren ondermeer academici en militair personeel van een aantal Europese landen, een aantal ambtenaren van de Europese Unie (EU) en enkele collega’s van Ben-Israel van de Universiteit van Tel Aviv waar hij nu doceert. Met andere woorden, de EU richt zich tot Israël om te weten hoe het dat slecht gedefinieerde concept bekend als terrorisme, moet bestrijden.

Toen George W. Bush de oorlog tegen het terrorisme verklaarde in 2001 besliste de EU een belangrijk deel van zijn budget voor wetenschappelijk onderzoek te besteden aan projecten met een ‘veiligheidsdimensie’. Israël is de meest actieve niet-Europese deelnemer aan deze projecten en aan het algemene programma van de EU voor wetenschappelijk onderzoek.

De wetenschappelijke onderzoeksactiviteiten van de EU staan zelden in onze kranten. Toch is wetenschappelijk onderzoek één van de drie voornaamste uitgavenposten van de EU. Israëlische bedrijven en universiteiten hebben bewezen dat ze zeer adept zijn in het aantrekken van die subsidies. Voor het ogenblik neemt Israël deel aan 800 door de EU gefinancierde onderzoeksprojecten, met een totale waarde van 4 miljard euro.

Philippe Busquin

Het ergste aspect van de deelname van Israël aan deze activiteiten, is dat ze de makers betreffen van wapens die gebruikt worden om Palestijnse burgers te verwonden en te doden.  De Belgische politicus Philippe Busquin (PS) draagt hiervoor een zware verantwoordelijkheid. Toen hij van 1999 tot 2004 Europees commissaris voor wetenschappelijk onderzoek was, ijverde hij keihard voor het openstellen van het wetenschappelijk onderzoeksprogramma van de EU voor de wapenindustrie.

Het is ook belangrijk te benadrukken dat een aantal Belgische onderzoekers deelnemen aan door de EU gefinancierde samenwerkingsprojecten met Israëlitische partners. Ik zou een hele reeks voorbeelden van dergelijke samenwerking kunnen geven, maar ik wil uw  geduld niet op de proef stellen en beperk me hier tot twee voorbeelden.

Belgische universiteiten en Israelitische oorlogsmisdaden

De Katholieke Universiteit van Leuven (KUL)  is betrokken bij het project INFUCOMP dat het toekomstig gebruik van chemicaliën in vliegtuigen bestudeert. Dat project is 5 miljoen euro waard en omvat ondermeer het bedrijf Israel Aerospace Industries (IAI).

Ondertussen neemt de Université Notre Dame de la Paix in Namen deel aan ProjectRail voor veiligheid bij de spoorwegen. Dat project is 22 miljoen euro waard en omvat het Israëlitische bedrijf Elbit.

Zowel Elbit als IAI maken mooie winsten met de levering van instrumenten van repressie en bezetting aan de staat Israël. Deze twee bedrijven bouwden de onbemande vliegtuigen die werden ingezet om hele families uit te roeien in Gaza tijdens Operatie Gegoten Lood (de aanval op Gaza van eind 2008-begin 2009 werd door het leger van Israël Operation Cast Lead genoemd – letterlijk een loden mantel gieten, zoals rond een defecte kerncentrale, nvdr). Tweeëntwintig leden van de familie al-Dayah – waaronder twaalf kinderen en een zwangere vrouw – werden vermoord toen Israël in januari 2009 Gaza City aanviel met een onbemand toestel.

In andere landen reageert men wel

Bovendien, zowel Elbit als IAI hebben bewakingstechnologie geleverd voor de muur die op de Westelijke Jordaanoever wordt gebouwd. Toen die muur onwettig werd verklaard door het Internationaal Gerechtshof in 2004, namen een aantal Europese regeringen maatregelen tegen Elbit. Noorwegen is geen lid van de EU, maar het heeft beslist om de investering van de pensioenkas van de overheid uit Elbit terug te trekken. Gelijkaardige acties werden ondernomen in Nederland en Zweden en bij de Deutsche Bank in Duitsland.

Business as usual voor de Europese Commissie

De Europese Commissie is ondertussen doorgegaan met business as usual met dezelfde Israëlitische wapenbedrijven die de apartheidsmuur op de Westelijke Jordaanoever hebben gebouwd. Dit betekent dat de EU overtredingen van het internationaal recht mogelijk maakt.

Als belastingbetaler maak ik ernstig bezwaar tegen de manier waarop mijn zuurverdiende euro’s meehelpen aan het smeren van de oorlogsmachine van Israël. Hoe durft de EU geld van zijn belastingbetalers overdragen aan bedrijven die de elementaire mensenrechten van het Palestijnse volk met de voeten treden!

Bedrijven in Gent, Oudenaarde en Kortrijk

In de financiële attesten die het bedrijf vroeger dit jaar afleverde bij de Amerikaanse autoriteiten, gaf Elbit een lijst van zijn belangen in andere delen van de wereld. Daarbij hoort een bedrijf in de buurt van Gent dat 100 procent het bezit is van Elbit en gewoon ‘European Subsidiary’ heet. Volgens Elbit ontwikkelt en bouwt dat Belgisch filiaal electro-optische producten ‘vooral voor defensie en de ruimtemarkt’.

Elbit blijkt inderdaad heel wat in België te hebben geïnvesteerd. In 2003 kocht El-Op Industries, een ander Elbit-filiaal, een bedrijf genaamd Optronics Instruments and Products (OIP) in Oudenaarde. OIP, dat sensoren en detectiemateriaal voor militaire cliënten maakt, heeft vorig jaar op zijn beurt Sabiex gekocht, een verdeler van tanks, met hoofdkwartier in Braine l’Alleud.

Tijdens een lezing in november door Thierry de Lannoy, een monitor van de wapenhandel, vernam ik dat er sterke banden zijn tussen Belgische en Israëlische wapenhandelaars. België is in de EU de vierde grootste leverancier van wapens aan Israël, volgens de gegevens van de EU zelf. Hoewel dat feit op zichzelf al schokkend genoeg is, is het nog meer verontrustend om te vernemen dat onderdelen die hier zijn gemaakt in Israëlische onbemande toestellen en oorlogsvliegtuigen zijn beland.

Zo blijkt bijvoorbeeld dat heel wat van de gevechtsvliegtuigen die tijdens Operatie Gegoten Lood tegen Gaza werden ingezet, zijn uitgerust met schermen van een bedrijf uit Kortrijk genaamd Barco. De naam Barco zal jullie niet veel zeggen, maar ik weet zeker dat jullie al van de groep U2 hebben gehoord. Het enorme podium dat U2 meezeulde rond de wereld tijdens zijn laatste tournee, werd hier in België gemaakt met hulp van Barco. Vanop dat podium riep Bono op tot de bevrijding van de Birmaanse oppositieleidster Aung Saan Suu Kyi en tot een einde aan extreme armoede.

Ik vraag me af of U2 weet dat het podium van waarop ze deze oproep lanceerden, gebaseerd is op technologie die komt van een bedrijf dat winst maakt met oorlogsmisdaden tegen het Palestijnse volk. Als de leden van de groep of hun management dat wisten en verkozen er over te zwijgen, dan zijn ze alle respect kwijt dat ik voor hen had.

Het democratisch mandaat van een ontslagnemende regering

Eén van de recente verrassingen die ik in een krant las, was dat België een nieuwe regering heeft. De waarheid is dat ik zo gewoon was geraakt aan het leven in een land zonder functionerende regering, dat ik bijna verwachtte dat dit voor altijd zo zou zijn. Een van de redenen waarom ik dat zo gewoon was geworden, was dat Yves Leterme zich gedroeg alsof hij een democratisch mandaat als eerste minister had, terwijl dat duidelijk niet het geval was.

Leterme maakte misbruik van zijn functie als eerste minister van lopende zaken toen hij Tel Aviv en Jeruzalem in september bezocht en de wens uitdrukte om de banden tussen België en Israël aan te halen. Bijzonder leerzaam is dat Leterme zijn bezoek gebruikte om te vieren hoe diamant goed is voor 70 procent van de handel tussen België en Israël en dat veel Israëli’s in de Antwerpse diamantsector werken.

Diamanten financieren de bezetting

Een nieuw boek ‘Corporate Complicity in Israel’s Occupation’ (‘Medeplichtigheid van de bedrijven in de bezetting door Israël’) bevat boeiend materiaal over de diamanthandel van Israël. Het boek is een weergave van de bewijzen die aan het Russell Tribunaal voor Palestina (nvdr: internationaal burgerlijk ‘gewetenstribunaal’, opgericht vanuit het middenveld, met het doel druk uit te oefenen op beleidsmakers) werden gegeven, toen dat vorig jaar in Londen samenkwam. Dit boek zegt dat, alhoewel Israël geen eigen voorraden van ruwe diamant heeft, gesneden en geslepen diamanten goed zijn voor 14 procent van de totale uitvoer van afgewerkte producten uit Israël.

Shir Hever, een Israëlitische linkse econoom, deelde het tribunaal mee dat diamanten jaarlijks goed zijn voor ongeveer 1 miljard dollar voor de oorlogs- en bezettingsindustrie van Israël. Hij stelde dat iedere maal dat Israël een diamant verkoopt in het buitenland en elke keer dat een klant in een juwelierszaak een diamant uit Israël koopt, telkens een deel van dat geld het leger van Israël helpt.

Vermits Antwerpen één van de twee belangrijkste diamantcentra van Europa is, kan men gerust stellen dat Israël aanzienlijk profijt haalt uit de handelstransacties die hier in België doorgaan. Inderdaad, volgens Leterme is de Belgische diamanthandel goed voor meer dan 2 miljard euro per jaar.

Sinds 2003 is de Europese Unie (EU) actief betrokken bij het forum dat bekend staat als het Kimberley Process, dat verondersteld wordt te voorkomen dat de diamanthandel bijdraagt tot oorlog en schendingen van de mensenrechten. De EU eist zelfs dat diamanten die door Antwerpen, Londen en Amsterdam passeren, certificaten hebben die aantonen dat ze ‘conflictvrij’ zijn.
De EU verkiest de andere kant op te kijken

Hier zitten we met een fundamentele contradictie. De definitie van ‘bloeddiamant’ of ‘conflictdiamant’, zoals die door de EU wordt beleden, slaat op ruwe diamanten, niet op de gesneden en geslepen diamanten zoals die door Israël worden uitgevoerd. Hoewel er dus sterke vermoedens bestaan om aan te nemen dat de diamantexport van Israël bijdraagt tot misdaden tegen de mensheid, weigert de EU actie te nemen.

Dit maakt natuurlijk onderdeel uit van een breder patroon. Artikel 2 van het Associatieakkoord dat de betrekkingen tussen de EU en Israël vastlegt, stelt dat commerciële en politieke banden tussen beide partners geconditioneerd zijn door het respect voor de mensenrechten. Hoewel dat akkoord reeds tien jaar van toepassing is, heeft de EU niet alleen gefaald om sancties op te leggen aan Israël voor zijn misdaden tegen de mensheid, het heeft de reikwijdte van de handelsprivileges met Israël zelfs uitgebreid.

Na Operatie Gegoten Lood bijvoorbeeld, sloot de EU een nieuw akkoord over landbouwhandel met Israël dat het land toelaat voedselproducten naar hier te exporteren zonder douanetaksen te betalen.

BDS moet zich uitbreiden naar de diamantsector

Ik verheug me erover dat ik de laatste jaren heel wat activisten voor Palestijnse solidariteit heb ontmoet in België. Ik steun ook de boycotacties die tegen Israëlitische producten worden ondernomen in de supermarkten en zo. De klanten aanmoedigen om geen koopwaar met het label ‘made in Israel’ in hun winkelwagentje te zetten is een zeer praktische manier voor gewone mensen om de Israëlitische economie te schaden. Dit is gerechtvaardigd en noodzakelijk omdat deze economie niet kan worden los gezien van de bezetting van Palestina.

Nu de internationale boycot/de-investering/sanctiecampagne (BDS) een impact begint te krijgen en bedrijven zoals Agrexco en Veolia in serieuze problemen brengt, denk ik dat de campagne moet opgedreven worden. De Belgische diamanthandel met Israël is één van de onderwerpen waar zij, die met de BDS-campagne bezig zijn, best aandacht aan kunnen besteden in 2012. Het lijkt me immers dat de bijdrage van deze handel aan de Israëlitische economie niet voldoende is onderzocht tot nog toe. Er kan een zaak van worden gemaakt om op te roepen voor een volledige boycot van de diamanten tot de internationale regels worden toegepast op Israël. Dit zijn allemaal zaken die volgens mij dieper moeten worden onderzocht en bediscussieerd.

Deze tijd van het jaar vieren wij allen Kerstmis. Ik ben zelf niet religieus, maar ik vind toch dat er iets fascinerend is aan dat oorspronkelijke verhaal van een kindje geboren in Bethlehem die opgroeide tot een prediker van rechtvaardigheid en meevoelen en daar uiteindelijk voor werd gekruisigd.

Kerstmis vandaag in Bethlehem

Hoe is het leven vandaag in Bethlehem? Als een zwaar zwangere vrouw vandaag naar Bethlehem zou reizen, zou ze eerst door een heleboel militaire checkpoints moeten. De kans is groot dat het Israëlitische leger haar dat zou verhinderen, zelfs als ze medische hulp nodig zou hebben.

Als ze dan toch in Bethlehem zou geraken, is het eerste wat ze zou zien een massieve muur die de stad effectief wurgt. Om die insluiting nog erger te maken, wordt Bethlehem bovendien omsingeld door Israëlitische koloniale nederzettingen die de Palestijnen verhinderen om de stad binnen te gaan.

Die nederzettingen breiden zich nog uit. Enkele dagen terug stond de Israëlitische minister van defensie de bouw toe van 40 nieuwe huizen in Gush Etzion, een koloniale nederzetting ten zuiden van Bethlehem.

Gush Etzion is – zoals alle Israëlische koloniale nederzettingen  – illegaal volgens het internationaal recht.  Dat heeft de Israëlitische banken er niet van weerhouden geld te lenen aan Gush Etzion. Eén van de banken die leningen geeft aan deze koloniale nederzetting is Dexia Israel. Jullie weten het misschien al, maar Dexia Israel is voor twee derden eigendom van Dexia, de bank die hier in Brussel zijn hoofdkwartier heeft.

Dexia heeft nog andere lijken in de kast zitten

In mei heb ik de algemene aandeelhoudersvergadering van Dexia bijgewoond. Nadat hij meer dan 45 vragen van Palestijnse solidariteitsactivisten had gekregen, beweerde Jean-Luc Dehaene, voorzitter van de bank, dat Dexia Israel geen deel uitmaakt van de kernbusiness van Dexia, alles is dus OK.

Gezien de zware financiële storm waarin Dexia zich de laatste maanden bevindt, zal Dehaene wel denken dat hij wel andere dingen aan zijn hoofd heeft dan pesterige vragen over Palestina. Als hij daar zo over denkt, heb ik nieuws voor hem.

Dit is een koloniaal conflict

In 2011 hebben we een aantal merkwaardige toonbeelden van volksmacht meegemaakt. Van Tahrir Square tot Wall Street krijgen de financiële instellingen die over ons regeren de boodschap dat ze een zware strijd tegemoet gaan. De 99% zal niet langer de arrogantie en het misprijzen toelaten dat de 1% toont voor de democratie.

Het is geen toeval dat bij veel van die protesten in 2011 de Palestijnse vlag werd gezwaaid, zelfs tijdens protesten die op het eerste zicht niets met Palestina lijken te maken te hebben.  Dat is omdat mensen met een geweten over de hele wereld zich realiseren dat Palestina geen religieus conflict is, zoals heel wat van mijn collega-journalisten blijven beweren. Dit is een klaar en duidelijk geval van kolonialisme en kapitalisme die samenspannen om de rechten van een heel volk te schenden.

Daarom is Palestina een kernthema voor ieder van ons die oprecht begaan is met internationale rechtvaardigheid.  Daarom moet Palestina een kernthema blijven tot rechtvaardigheid eindelijk bereikt wordt.

(Dit artikel is overgenomen van De Wereld Morgen dat zorgde voor de vertaling)

Comments are closed.