Palestina

Nieuws uit en over Palestina

Palestina

Gaza Belegerd, dood in Rafah

Inge Neefs (vanuit Gaza)

"De 21-jarige  Abdel Hadi Jumma el-Sufi is één van de gewonden en ligt momenteel in het Shifa ziekenhuis in Gaza-Stad. Hij wacht op een operatie om de granaatscherven uit zijn benen, longen en achterhoofd te verwijderen."

"De 21-jarige Abdel Hadi Jumma el-Sufi is één van de gewonden en ligt momenteel in het Shifa ziekenhuis in Gaza-Stad. Hij wacht op een operatie om de granaatscherven uit zijn benen, longen en achterhoofd te verwijderen."

Op donderdagnamiddag 7 april escaleerden de aanvallen van het Israëlisch leger op de Gazastrook: in minder dan 72 uur eiste het moorddadig offensief 18 levens. De meerderheid van de slachtoffers zijn burgers, onder hen bevinden zich een moeder, haar dochter, twee kinderen, twee oudere mannen.en vier leden van de Al-Qassam Brigade. Meer dan 60 mensen werden verwond sinds donderdag, waarvan sommigen nog steeds vechten voor hun leven.

Tussen donderdagnamiddag en zaterdagavond werd de Gazastrook belegerd door drones, Apache helikopters, F16 en E15 gevechtsvliegtuigen, kannoneerboten in het zuiden en tanks langs de grens.

Donderdagnamiddag, omstreeks 16u nam het Israëlisch leger de omgeving van de vernielde luchthaven in het zuidoosten van Rafah onder vuur. Militaire troepen zetten zich op langs de grens en vuurden ongeveer 10 artilleriegranaten af, terwijl Apache helikopters mitrailleurvuur openden. Enkele van de artilleriegranaten landen nabij drie Palestijnse burgers die in de buurt van de luchthaven zaten. Twee van hen, Mohammed Eyada Eid el-Mahmoum (25) en Khaled Ismail Hamdan el-Dabari (17), werden op slag vermoord. Een derde burgerslachtoffer, Saleh Jarmi Ateya al-Tarabin (38), overleed later die avond in het ziekenhuis. 

 Israëlische troepen hielden enkele Palestijnse burgers onder vuur die de gewonden poogden te redden; Musaab Mohammed Ubeid Sawwaf (20) werd vermoord terwijl 14 andere burgers, waaronder vijf kinderen en een paramedicus van de ambulance, werden verwond.

Salama El-Dabari zit onder het plastieken tentluifel, rouwend om het verlies van zijn neef, de 17-jarige Khaled Ismail Hamdan el-Dabari, terwijl hij aan ISM-vrijwilliger uitlegt wat er gebeurd is. “Khaled volgde de ambulances op zijn motorfiets om de paramedici te helpen om de gewonden te evacueren. Zodra de ambulances toekwamen, bombardeerde een Apache helikopter opnieuw. Khaled kwam vast te zitten onder zijn motorfiets, die vuur vatte tijdens het bombardement. De ambulances waren niet in de mogelijkheid om hem onmiddellijk te evacueren. De volgende ochtend werd zijn lichaam terug gevonden: bedekt in brandwonden, met open hoofd wondes, een gat in zijn buik, kogels in de benen en zonder handen. Zijn  vader, mijn broer, was hem aan het zoeken, maar we wouden niet dat hij zijn zoon zo zou aantreffen, dus we stuurden hem naar huis voor we Khaled’s lichaam evacueerden.”

Salama schakelt over op de ongelijkheid van het hele conflict en zegt het volgende: “Kijk naar ons, de Palestijnen; we zijn een vreedzaam volk dat de bezetting poogt af te schudden opdat we in vrijheid kunnen leven. Maar we hebben geen militaire macht dat van betekenis is: we hebben geen drones, noch F16’s, we hebben niets van Israël’s moderne bewapening. Er is geen vergelijking mogelijk. Het is hopeloos. Niemand geeft nog om de Palestijnen en onze strijd voor rechtvaardigheid.”

De 21-jarige  Abdel Hadi Jumma el-Sufi is één van de gewonden en ligt momenteel in het Shifa ziekenhuis in Gaza-Stad. Hij wacht op een operatie om de granaatscherven uit zijn benen, longen en achterhoofd te verwijderen. Abdel staart wezenloos naar het plafond van zijn ziekenhuisbed terwijl hij zich de moorddadige gebeurtenissen opnieuw voor de geest haalt.

Eén van de mannen werd in het begin van de aanval geraakt, dus mijn vrienden en ik haastten ons dichterbij om hem te evacueren. De man was dood. Tanks bleven ons belagen en vermoordden een andere man. We slaagden erin om de twee lijken en een andere zwaargewonde man te evacueren met de ambulance. Er bleef één man achter, we konden hem niet bereiken door de kogelregen. Ik dacht dat hij nog leefde, maar ’s ochtends evacueerde de ambulance een vierde lijk van de scène.”

De 20-jarige Mahdi Joma’a Abu Athra is er slechter aan toe: de dokter in het Europa ziekenhuis in Khan Younis beschrijft hem als een dood lichaam dat in leven wordt gehouden door machines. Zijn nonkels zitten rond het ziekenhuisbed en vertellen dat Mahdi enkele maanden geleden trouwde en dat zijn vrouw nu zwanger is. Het lijkt echter onwaarschijnlijk dat Mahdi zijn eerstgeborene ooit zal zien.

Eén van zijn nonkels barst plots uit: “Hoe komt het dat het westen zo geïnteresseerd is in het verdedigen van de mensenrechten in Libië terwijl het niets doet voor de Palestijnen? Jullie, die hier in solidariteit mety ons komen, zouden een duidelijke boodschap moeten uitzenden naar jullie landen: wij vallen Israël niet aan, Israël valt ons aan! Zij zijn de terroristen en de criminelen! Onze raketten zijn vuurwerk in vergelijking met Israël’s wapens! Ze hebben de meest hoogtechnologische en accurate militaire uitrusting: ze kunnen hun doel met precisie raken. Wanneer ze burgers vermoorden, dan is dat omdat ze burgers willen vermoorden!”

Comments are closed.